Zelfbewoningsplicht en anti-speculatiebeding

 

OCRT is verplicht om bij verkoop van een woning de volgende bepalingen ten behoeve van de Gemeente Rotterdam op te leggen aan haar koper, hierna in dit artikel te noemen: koper:

1. Koper verplicht zich een appartement uitsluitend te zullen gebruiken als hoofdverblijf om die zelf (met zijn eventuele gezinsleden) te bewonen en dit appartement niet aan derden te zullen doorverkopen, een en ander behoudens het vermelde in de hierna volgende leden.

2. De in lid 1 bedoelde plicht tot bewoning door koper (zelfbewoningsplicht) geldt niet in geval van bewoning of huur door eerstegraads bloed- en aanverwanten van de koper.

3. Het bepaalde in lid 1 vervalt nadat de koper de woning gedurende vijf (5) achtereenvolgende jaren heeft bewoond dan wel heeft doen bewonen in geval van als bedoeld in lid 2

4. De Gemeente kan schriftelijk ontheffing verlenen van het bepaalde in dit artikel 1. Deze ontheffing wordt echter steeds verleend in geval van:

a. verandering van werkkring van de koper op grond waarvan redelijkerwijs verhuisd dient te worden;

b. overlijden van koper of diens echtgeno(o)t(e);

c. ontbinding van het huwelijk door echtscheiding dan wel ontbinding van het geregistreerd partnerschap van koper;

d. verhuizing waartoe wordt genoodzaakt door de gezondheid van koper of van één van zijn gezinsleden;

e. het vinden van een werk- of scholingskring buiten een straal van vijftig kilometer c.q. een uur reizen vanaf de woonplek;

f. faillissement of anderszins aantoonbaar terugval in inkomen, zoals door verlies van arbeidsuren van (één van) de koper(s);

g. andere bijzondere omstandigheden, waarvoor aan Koper schriftelijk toestemming is verleend door de Gemeente.

5. Bij niet nakoming van het bepaalde in lid 1 tot en met lid 4, verbeurt de koper een direct opeisbare boete aan de Gemeente Rotterdam, ter hoogte van 10% van de koopprijs bij vervreemding van de woning.

6.  Mocht de Gemeente een Rotterdams antispeculatiebeding vaststellen, dat voor Koper casu quo eigenaar gunstiger is dan het bepaalde in de vorige artikelen, dan zal dat Rotterdams antispeculatiebeding in de plaats komen van lid 1 tot en met lid 4.